• Top Header handen

EIP EPL transfer

Als de EPL-pees kapot is gegaan, kunt u met name het topje van de duim niet meer goed strekken. Het doet meestal geen pijn, maar kan soms wel gevoelig zijn in de onderarm. Een eenvoudige test is om de hand plat op tafel te leggen en vervolgens te proberen om alleen de duim van tafel op te tillen. Dit lukt niet goed als de EPL-pees kapot is.

EPL is de afkorting die gebruikt wordt voor een lange pees waarmee het topje van de duim gestrekt wordt (Extensor Pollicis Longus). Als deze pees kapot gaat en niet meer goed te herstellen is, kan met behulp van een operatie de functie van de kapotte pees overgenomen worden door een andere pees. Zo’n operatie heet een ‘peestranspositie’. De EIP is een strekpees van de wijsvinger (Extensor Indices Proprius). Omdat de wijsvinger een extra strekpees heeft, kan de EIP gebruikt worden om de verloren functie van een kapotte EPL-pees over te nemen.

 

Wat is de oorzaak?

De EPL-pees is kwetsbaar en kan beschadigd raken bij een verwonding of een operatie, maar meestal gaat de pees spontaan kapot na bijvoorbeeld een gebroken pols, een forse bloeduitstorting of een chronische ontsteking. Omdat de pees al beschadigd is geraakt, is eenvoudig hechten niet meer mogelijk. Vandaar dat de “hulp” van een andere pees wordt ingeroepen.

Wat is de behandeling?

Tijdens uw bezoek aan de handchirurg kan hij of zij de diagnose direct stellen via onderzoek van uw vingers en hand. Soms wordt nog een aanvullende echo gemaakt. De functie van de strekpees zal zich niet spontaan herstellen. Als u samen met de handchirurg tot herstel van de pees besluit, kan de extra strekpees van de wijsvinger hiervoor gebruikt worden. De wijsvinger kan hierdoor iets in kracht achteruitgaan, maar u kunt deze ook na de operatie nog volledig strekken.  De operatie heeft geen spoed en kan, als de gewrichtjes van de duim soepel blijven, eventueel uitgesteld worden.

Na de operatie

  • Als de verdoving is uitgewerkt, kan het geopereerde gebied pijnlijk zijn. U zult naast paracetamol nog extra pijnstilling meekrijgen voor de eerste week.
  • De wond heeft rust nodig om te genezen, vermijd daarom bewegingen die druk of kracht op de wond uitoefenen.
  • Na een ingreep aan de hand of pols moet u deze goed hooghouden (minstens op harthoogte) om zwelling en pijn te voorkomen (veroorzaakt door stuwing). Draag overdag uw arm in een draagdoek (mitella) of een draagband (sling).
  • Na een aantal dagen, bij uw eerste poliklinische controle, wordt het verband verwijderd en vervangen voor een nieuw gips of afneembare spalk. Hiervoor krijgt u een afspraak mee.
  • Na de operatie krijgt u gips om uw duim rust te geven en te laten herstellen van de operatie. Na één tot vier weken mag het gips eraf.
  • Daarna start u onder begeleiding van de handtherapeut met oefeningen om uw duim weer goed te kunnen gebruiken. Dit zal in het begin betekenen dat u bewust de duim moet strekken door het strekken van de wijsvinger. Uw hersenen moeten hieraan wennen, maar na een tijdje zal dit automatisch gaan. De handtherapeut zal stapsgewijs met u de belastbaarheid opvoeren en aangeven wanneer u bepaalde dingen weer mag gaan doen.
  • U kunt de duim weer met kracht gaan gebruikenna ongeveer 3 à 4 maanden.
  • Het litteken zal in de eerste 4 maanden stugger worden. Hierna versoepelt dit vanzelf weer. Massage zal herstel kunnen bevorderen.

Resultaat

De operatie zorgt voor een goed herstel van de strekfunctie van de duim en volledige inzetbaarheid van deze duim. In sommige gevallen zal de strek- en buigfunctie echter niet meer volledig identiek zijn aan de andere duim.

Complicaties

Er is een kleine kans op infectie en bloedingen. Een specifiek risico van deze operatie is dat zenuwtakjes in het operatiegebied geraakt of gekneusd kunnen worden. Dit kan na de operatie een tijdelijk of permanent doof gevoel geven aan de bovenzijde van de duim.  Soms kan de pees die gehecht is toch knappen, waardoor u de duim ineens niet meer kan strekken. 

Widgetkit Popover Widget

Skiduim

DIP artrose

PIP artrose

Triggerfinger

Dupuytren

Polsklachten

Carpaal-tunnel-syndroom

Duimbasis-artrose

Ziekte van Quervain

Polsklachten

Malletvinger

Luxatie PIP-gewricht

Peesletsel

Ulnaropathie

EIP EPL transfer

  • Skiduim

  • DIP artrose

  • PIP artrose

  • Triggerfinger

  • Dupuytren

  • Polsklachten

  • Carpaal-tunnel-syndroom

  • Duimbasis-artrose

  • Ziekte van Quervain

  • Polsklachten

  • Malletvinger

  • CRPS-1 en CRPS-2

  • Ganglion

  • Luxatie PIP-gewricht

  • Peesletsel

  • Ulnaropathie

  • EIP EPL transfer